Vandelanotte

Vandelanotte werd in 1948 opgericht door Roger Vandelanotte en is inmiddels uitgegroeid tot een top 10 accountantskantoor- en auditkantoor in België. Naast accountancy, tax en audit heeft Vandelanotte ook specialisten in huis op vlak van HR, legal, vermogensplanning, corporate finance en risk management. Met meer dan 280 medewerkers in 8 vestigingen adviseert het kantoor dagelijks meer dan 6300 vrije beroepers, zelfstandigen, bedrijven en familiale ondernemingen bij de opstart, groei of overdracht van hun bedrijf.

Vandelanotte Bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door Francis Rysman, verleende op 21 juni 2017 haar medewerking op een hoorzitting in het Vlaams Parlement. Het onderwerp van de hoorzitting was de conceptnota die recent ingediend werd in het Vlaams Parlement inzake de nieuwe regelgeving voor het activeren van ‘reserves’ voor investeringen in het welzijnsbeleid.

Richtlijnen over de bepaling van reserves

Vorig jaar informeerden wij u al over de Vlaamse subsidiëring en hoe de Vlaamse Overheid een deel van de door haar voorheen verstrekte subsidies wilde laten terugstorten door de Vlaams gesubsidieerde vzw’s. In dit artikel werd dieper ingegaan op de manier waarop de Vlaamse Overheid richtlijnen voor de diverse sectoren uitwerkt en over de manier waarop de ‘reserves’ concreet berekend moeten worden. De betrokken sectoren werden via een omzendbrief op de hoogte gebracht. Een aantal voorbeelden zijn vzw’s in de sectoren Centra Algemeen Welzijnswerk, Tele-Onthaal en Samenlevingsopbouw.

Conceptnota voor de nieuwe regelgeving

Op dit moment loopt echter nog een bijkomend initiatief, namelijk de conceptnota voor de nieuwe regelgeving betreffende het activeren van reserves voor investeringen in het welzijnsbeleid. Deze conceptnota werd op 29 maart 2017 ingediend in het Vlaams Parlement. Hierbij werd vertrokken vanuit de vaststelling dat de welzijns- en zorgsector ondanks de groeiende (zorg)vraag onvoldoende middelen heeft. De indieners stelden vast dat een deel van de ‘reserves’ onbenut blijven in de vzw-sector, ondanks de grote investeringsbehoeften. Er werd daarom een voorstel geformuleerd om dit probleem aan te pakken door middel van een (investerings)fonds.

Dankzij dit fonds zouden Vlaams gesubsidieerde zorginstellingen de nodige financiering kunnen verkrijgen voor het realiseren van investeringen in hun infrastructuur. Anderzijds zouden instellingen met een spaaroverschot (en die op korte of middellange termijn geen concrete investeringsbehoeften hebben) hun beschikbare liquide middelen in het fonds kunnen beleggen tegen een rente die meer oplevert dan wat vandaag op de beleggingsmarkt bestaat. De indieners van de conceptnota stellen bijgevolg voor om de slapende reserves te ‘activeren’.

Uit de conceptnota blijkt dat 630 vzw’s (415 welzijns-vzw’s en 215 woon-en zorgcentra) over maar liefst 2,01 miljard euro aan (boekhoudkundige) reserves beschikken. Hierop wordt 610 miljoen euro aan bestemde fondsen in mindering gebracht, waarna dus 1,40 miljard euro als ‘beschikbaar’ wordt bestempeld. De vraag hoe liquide die reserves zijn, wordt in de conceptnota eveneens beantwoord. Dit wordt via de benadering van het netto-bedrijfskapitaal becijferd op 796 miljoen euro.

Aandachtspunten bij de conceptnota

Het belangrijkste aandachtspunt bij deze conceptnota is dat dezelfde 610 miljoen euro aan bestemde fondsen (die terecht in mindering gebracht wordt van de ‘reserves’ op de passiefkant) onterecht niet in mindering wordt gebracht bij de berekende 796 miljoen euro aan beschikbare liquiditeiten. Nochtans zou dit het beeld genuanceerder maken en ons onmiddellijk een idee kunnen geven van het werkelijke bedrag dat maximaal aan het op te richten Fonds voor Zorginfrastructuur kan worden overgemaakt.

Daarnaast bestaat er ook een belangrijke interferentie met de bestaande regelgeving van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 waarbij de 50 procent-grens van toepassing is. Indien de reserves van de vzw 50 procent van haar werkingssubsidies overschrijden, dan dient het meerdere bedrag teruggestort te worden aan de Vlaamse subsidiërende overheid. In de conceptnota wordt nu voorgesteld om die 50 procent-grens op te trekken tot (maximaal) 100 procent, voor zover de betrokken vzw haar slapende reserves samenbrengt in het nieuwe Fonds.

Op 7 en 21 juni 2017 werden omtrent deze problematiek een aantal hoorzittingen georganiseerd. Geïnteresseerden kunnen de nieuw regelgeving, de conceptnota en de evolutie van deze werkzaamheden raadplegen op de website van het Vlaams Parlement. De hoorzittingen zelf worden telkens op video opgenomen en kunnen herbekeken worden. Via deze link kunt u de videofragmenten van de hoorzitting integraal bekijken.

De aandachtspunten, zoals op de hoorzitting door Francis Rysman geformuleerd, hadden voornamelijk betrekking op:

  • het onderscheid tussen enerzijds het opbouwen van boekhoudkundige ‘reserves’ op het passief van de vzw-jaarrekeningen, en anderzijds het al dan niet beschikbaar zijn van deze ‘reserves’ onder vorm van liquiditeiten en geldbeleggingen, op de actiefkant van de vzw-jaarrekeningen;
  • het feit dat door de hogere kostprijs door de creatie van een Fonds opnieuw een intermediaire functie gecreëerd wordt;
  • het transformatie-risico waarmee het Fonds geconfronteerd zal worden. De verstrekking van leningen gebeurt hier namelijk op lange termijn (20 jaar), terwijl de ingelegde middelen van de instellingen die vrijwillig in het fonds willen beleggen niet over een dergelijke beleggingshorizon beschikken. Zij hebben dus sneller hun eigen middelen nodig.

Wij volgen de verdere problematiek verder voor u op en houden u ook in de toekomst graag verder op de hoogte van belangrijke verdere ontwikkelingen van de regelgeving. Heeft u ondertussen reeds vragen, neem dan contact op met uw relatiebeheerder of via contact@vdl.be.


Dit artikel werd geschreven door Francis Rysman.
Als vennoot bij Vandelanotte is Francis Rysman verantwoordelijk voor revisoraat.
francis.rysman@vdl.befrancis.rysman@vdl.be

Wilt u meer artikels lezen van Vandelanotte Accountants? Klik dan hier.

 

 

Vandelanotte

Vandelanotte werd in 1948 opgericht door Roger Vandelanotte en is inmiddels uitgegroeid tot een top 10 accountantskantoor- en auditkantoor in België. Naast accountancy, tax en audit heeft Vandelanotte ook specialisten in huis op vlak van HR, legal, vermogensplanning, corporate finance en risk management. Met meer dan 280 medewerkers in 8 vestigingen adviseert het kantoor dagelijks meer dan 6300 vrije beroepers, zelfstandigen, bedrijven en familiale ondernemingen bij de opstart, groei of overdracht van hun bedrijf.

View all posts

Add comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *